Sevilla

Na een vroege ochtend, drie kwartier vertraging wat lichtelijk gecompenseerd werd met pralines vanwege de allereerste Ryanairvlucht Brussel-Sevilla landden we iets voor 14u in een stralend Sevilla. De bus bracht ons vlotjes in het centrum (voor slechts 4 euro) maar we waren zo uitgehongerd dat we de lokroep van de hamburgertent op weg naar het hotel niet konden weerstaan. De vegetarische burger met avocado en bruine bonen was verdorie echt nog lekker en de vettigheid smaakte als een godenmaal na al die uren zonder eten.

Ons hotel Legado Alcázar bleek zo mooi als verwacht. We kregen de keuze om te upgraden naar de suite en omdat die echt veel mooier was dan onze geboekte kamer en maar 120 euro duurder hebben we dat maar gedaan. Resultaat is dat ik hier op het terras in de zetel zit te typen met zicht op de tuin van het Alcázar en het geluid van duiven, pauwen en mij onbekende vogelbeesten op de achtergrond.

We doken de stad in en ontdekten al direct hoe ontzettend mooi Sevilla is. We wandelden langs het balcon de rosina, de oude stadsmuur, parken, de majestueuze kathedraal en het Alcázar.

Omdat een collega had gezegd dat er weinig vegetarisch eten was in Sevilla, had ik mij grondig voorbereid en op voorhand een lijst opgesteld met restaurants met vegetarische opties. De eerste avond streken we neer in Habanita, een Caraïbisch geïnspireerd restaurant met zowel veggie als vegan opties. Ik koos voor de banaanballetjes in tomatensaus. Simpel maar lekker. En wat een luxe om eind oktober buiten te kunnen eten savonds. Op de terugweg maakten we nog een wandeling door de kleine nauwe straatjes van de oude binnenstad, die overigens helemaal verkeersvrij is. Langs de grotere lanen is er plaats voor trams en fietsen echt aan de rand de ene bus na de andere. Maar de volledige oude binnenstad is voor de voetganger.

Woensdag zalig uitgeslapen en dan a la carte ontbeten. We waren de enigen op dat moment. De kathedraal opende pas om 11u, maar toen we er op half elf passeerden stond er al een hele rij en besloten we dus ook maar aan te schuiven. Ik heb helemaal niks met kerken of religieuze kunst. Maar deze grootste gotische kathedraal van Europa is zijn geld en aanschuiven meer dan waard.

Hoogtepunten zijn het grafmonument van Columbus, een waanzinnig altaar van verguld houtsnijwerk, een gigantisch orgel, de kapittelzaal, een schilderij van Goya en het beklimmen van de toren, de Giralda. We waren hier anderhalf uur zoet.

Daarna bleven we in de buurt voor het Archive of the Indies, gratis te bezoeken, met momenteel een heel mooi opgezette tentoonstelling over de reis van Magellaan naar de naar hem genoemde straat. Fascinerend verhaal. En een heel mooi gebouw.

Daarna ging het naar de Casa de Pilatos, het mooiste stadspaleis. Dit is ontzettend goed bewaard. Je ontdekt de kenmerkende Mudejarstijl, een mix van moslim en christelijke kunstvormen met werkelijk overal de verbluffende keramieken tegelwanden of azulejos, de rijkelijk versierde houten cassetteplafonds. Zelfs de houten deuren en gietijzeren hekken waren ontzettend verfijnd. Dit was echt genieten. Het enige minpunt was een oersaaie audiogids .

Savonds opnieuw geen Spaanse keuken. We kozen voor El Wadi. Heel verfijnde Arabische keuken in een mooi, modern restaurant. We kregen een mega voorgerecht met allemaal proevertjes; dolmah, tabouleh, falafel, salade,… Daar hadden we eigenlijk al bijna mee gegeten, maar nog voor we klaar waren kwam het hoofdgerecht er al bij geserveerd ( kruidige rijst met rozijnen en noten voor mij). Er was helaas geen plek meer in onze magen voor dessert.

Het valt op dat hier weinig honden rondlopen, maar op de terugweg kwamen we nog een galgo en een weimaraner tegen.

Voor vanmorgen had ik van thuis al tickets besteld voor het Alcázar. Aanrader want de wachttijden kunnen anders serieus oplopen. De rij staat enorm ver. Straf trouwens hoe druk het hier nog is. De stad zit echt vol toeristen. Het is ook geen gigantische stad, je kan alles makkelijk te voet doen en er is echt ontzettend veel te zien. Voor onze 3,5 dagen hier is het dus keuzes maken.

De kaarten voor de bovenverdieping van het paleis waren helaas twee weken op voorhand al uitverkocht. Hier laten ze blijkbaar maar 15 mensen per tijdslot binnen.

Het Alcázar is onvoorstelbaar. Een zeer oud complex waar door de tijd heen aan verbouwd en toegevoegd werd. Opnieuw in die mooie mudejarstijl. Je komt ogen tekort. En als je helemaal moe gekeken bent, moet je nog beginnen aan de uitgestrekte tuinen. Je kan gewoon blijven kijken. Sommige zal zijn van de vloer tot het plafond rijkelijk versierd. Wat een pracht. Alleen spijtig dat je hier nooit alleen bent. Ze beperken de ingang tot 750 mensen maar dat is natuurlijk gigantisch veel volk en iedereen wil overal mooie foto’s maken…

Compleet uitgeput landden we in een lekkere broodjesbar en trokken dan richting rivier, naar de wijk Triana. We bezochten het Castello de Jorge, een gratis museum over de inquisitie. Zeker doen. De expo is niet heel groot maar wel de moeite. Van het kasteel blijven overigens enkel de funderingen over, ze hebben het in 1800 afgebroken en er een markt over gebouwd.

In Triana zouden veel keramiekwinkeltjes en cafeetjes zijn, maar wij waren er tijdens de siësta en dan was er niks te beleven. We waren echter te uitgeput om nog tot na 17u te blijven hangen, hadden al 10km in de benen en nood aan een cafeïne shot en trokken terug naar ‘onze’ wijk voor wat koffie en een beetje rust voor oververmoeide benen. Terwijl ik dit typ, wandelen de pauwen van het Alcázar beneden net voorbij…

Zalig trouwens het weer hier. Het is bijna 20 graden warmer dan in België. Ik loop hier rond met zomerjurkjes en we halen in de namiddag zo’n 28 graden. Savonds nog een comfortabele 21 graden. Het is regelmatig wat bewolkt, maar het blijft zalig warm.

Genua – Piëmonte deel drie

Inmiddels zijn we alweer even terug in het land, maar ik heb nog niet verteld over onze laatste dagen in Piëmonte…

Hoe mooi en rustig ons dorpje op de heuvel ook was en hoe magnifiek het uitzicht vanop ons terras, na enkele dagen begon ik me wat rusteloos te voelen. Ik had onlangs Grand Hotel Europa en La Superba gelezen van Ilja Leonard Pfeijffer en dat laatste boek gaat over Genua en had me enorm geprikkeld. Ik had, nu we er zo dichtbij waren, dus enorm zin om die stad te gaan verkennen. Sowieso al, maar helemaal na dat boek.

De tocht erheen was al een kleine expeditie, eerst een half uur doen over 25km langsheen middeleeuwse stadjes en kronkelbaantjes om dan eindelijk de autosnelweg te bereiken en de resterende kilometers in een wip te overbruggen via een eindeloze rij tunnels. Tot de zee in zicht komt en de haven en het verkeer stropt op de drukke wegen rond de stad. Onze gps werd gek van de stad en kon zich daar niet localiseren maar met Waze lukte het gelukkig wel redelijk eenvoudig om een parking te vinden aan de porto antico.

De stad overviel me. Het voelde tegelijk als thuiskomen in de drukte van een stad, maar ook als een bad in iets onbekend en overweldigend. Gaandeweg sloep ik in paniek. Er was hier zo ontzettend veel te bezoeken en we hadden maar een dagje. Of konden we het de kinderen aandoen om in onze paar resterende dagen nog eens drie uur in de auto te gaan zitten om een stad te bezoeken? Er was hier gewoon teveel en ik wou het allemaal zien en proeven.

Genua staat vol oude palazzo’s, sommige ingenomen door banken en bedrijven, andere bewoond, een hele resem andere ingericht als museum. Je kan een dagpas kopen en daarmee voor weinig geld alles zien. Maar dat was met de kinderen geen haalbare kaart helaas. Maar ik kon ook geen vrede nemen met deze stad te bezoeken en geen enkel van deze waanzinnig mooie huizen te bezoeken. Dus sloten we het compromis om er 1 uit te kiezen en te bezoeken en voor de rest gewoon wat de stad te verkennen.

We bezochten het Palazzo Spinola di Pellicceria. Dit kon enkel begeleid. De oudere Italiaan stipte in het begin nors aan dat het geen gegidst bezoek was, dat hij enkel begeleidde omdat je niet alleen in het gebouw mocht. Maar gaandeweg ontpopte hij zich tot een bevlogen verteller en kregen we toch heel wat info over het gebouw. Er was origineel interieur te zien, we kregen wat geschiedenis mee, maar er hing ook een heuse kunstcollectie. Ik vreesde even dat de kinderen er hun aandacht niet bij zouden kunnen houden, maar omdat het tempo van het bezoek hoog lag, viel dat enorm mee. Ik keek mijn ogen uit. Maar als je Genua ooit bezoekt, zeker zo’n 24 uur of 48 uur kaart nemen en verschillende musea doen.

IMG_2714

We wandelden nog wat door de stad. De stad stal bijna onmiddellijk mijn hart. Het is een echte havenstad, een smeltkroes van nationaliteiten, gelukszoekers, aangespoelde mensen, mensen die er al heen hun leven wonen. Ondanks het feit dat er waanzinnig veel te zien is en er best wat toeristen zijn, is de stad nog niet doodgeknepen door het toerisme en krijg je er een heel authentieke ervaring. Pfeijffer noemt de kleine straatjes in zijn boek het labyrint, en zo is het ook wel. Je kan er eindeloos ronddolen. Je moet er wel tegen kunnen dat je dan plots middenin de hoerenbuurt terecht komt, of in een volstrekt arabische buurt. Onveilig voelden we ons echter nooit en als je dan twee afslagen neemt sta je algauw weer op een gewoon pleintje met een kerk of een terrasje. Je kan er heerlijk ronddolen en steeds weer nieuwe aspecten van de stad ontdekken.

IMG_2700.JPG

We hebben de schrijver trouwens ook twee keer gespot, hij zat in perfect kostuum iets te drinken op een terrasje en struinde door de straten in het historisch centrum… Toch een ervaring.

Het werd al later en we hadden het grote aquarium nog niet bezocht. En het museum van de zee. Of de oude vuurtoren, de lanterna. Er zat dus toch niks anders op dan de volgende dag terug te komen. Dat werd een museumdagje. De ochtend spendeerden we in het aquarium. Het zou het grootste van Europa zijn. Het was mooi, maar nu niet het beste dat we ooit zagen. Het was er ook ontzettend druk. Maar wel heel fijn om met de kinderen te doen en je bent er echt een hele ochtend zoet mee, het is effectief heel groot. Tip: koop je kaarten enkele dagen op voorhand, want het is vrij kostelijk en dan zijn de tarieven aanzienlijk lager.

IMG_2760

Daarna doken we de oude stad in voor een pasta in een mini restaurantje en keerden dan terug naar de porto antico om het Galata Museo Del mare te doen. Dit is een pak goedkoper maar ook enorm groot en heel boeiend. Helaas was er amper uitleg in het Engels, hier en daar was er iets vertaald maar 90% van de borden was eentalig Italiaans. Niettemin keken we ook hier onze ogen uit. Je krijgt er de geschiedenis van de stad, van de zeevaart daar, hoe dit de rijkdom van de stad heeft vergroot. Er zijn enkele boten op schaal nagebouwd waar je eens doorheen kan lopen, ideaal voor de kinderen. Maar er is ook een groot deel gewijd aan migratie en aan een scheepsramp. En op de bovenste verdieping heb je een magnifiek uitzicht op de stad.

IMG_2775

Na twee musea waren we bek af, dus de rest van deze stad hebben we helaas zo moeten laten. Maar wat een stad. Hier kan je gerust een dag of 5 spenderen volgens mij.

 

Piemonte deel 2

Gisteren trokken we naar Casale Monferrato, een stadje op een uur rijden. Daar was een kasteel. Er zijn er hier wel meer, maar ze zijn maar zeer beperkt te bezoeken. En dit kasteel zou open zijn.

Eens ginder bleek het kasteelbezoek beperkt tot 2 lege torens, enkele eentalig Italiaanse uitlegborden en een rondwandeling bovenop de muren. Tja. We hadden toch een kasteel bezocht. En vooraf een cappuccino gedronken.

De rest van het stadje zag er ook interessant uit. De reisgids omschreef het als levendig, maar op ons maakte het een verlaten indruk. De helft van de winkels en restaurants was tot eind augustus gesloten. De mevrouw van de toeristische dienst was meer dan vriendelijk en kwam mee naar buiten om ons in krom Engels letterlijk de weg te wijzen. De toren en de synagoge: dicht. Kathedraal en museum: open. De kathedraal stond net als veel andere gebouwen wel in de stellingen… We zwierven wat langs de vele mooie palazzo’s die nu omgevormd waren tot appartementen en kantoren, bezochten de kerk en besloten dan te lunchen in de bistro waar ze ook de lokale koekjes bakken, de krumiri. Zoon en ik aten een superlekkere pasta met noten en munt. Er was niets dat de Dochter lustte dus bestelden we haar een lokaal puddingdessert maar dat lustte ze ook niet. Maar ze kon haar buikje vullen met broodstengels en broodjes. De wederhelft had een salade met rijst gekozen. Daarna zochten we nog een geocache en trokken we terug naar Cavatore.

Vanmorgen hadden we afspraak op de boerderij van een Duitse mevrouw hier in het dorpje. Ze houdt er 40 dieren; honden, geiten, paarden. Maar wij kwamen voor de lama’s en de alpaca’s. Ik ken nu eindelijk perfect het verschil tussen beide, trouwens. We kregen een uitgebreide voorstelling van de dieren en dan mochten we er elk een kiezen om mee op stap te gaan.

Ik koos Lucretia, zoon had de dochter Lola, voor ons liep de wederhelft met Leonarda, de enige alpaca in ons gezelschap en de Dochter mocht op kop met Lia. We maakten een tocht van een uur rond Cavatore. Het was genieten. De dieren zijn zachtaardig en de mevrouw gaf veel uitleg over hoe ze functioneren. Een aanrader.

Daarna wachtte ons koud zwembad (26 graden) en warme douche en vanavond gaan we nog eens uit eten. Zaterdagavond waren we ook gaan eten overigens, superlekker aan de bron in Aqcui Terme op een supergezellig plein waar de kindjes tot laat op de avond liepen te spelen en ze veel zowel veggie als vegan opties hadden.

Morgen op tijd opstaan, want dan trekken we naar “La Superba”…

Piemonte deel 1

Een week geleden alweer vertrokken we. Eerst de kindjes nog een halve dag op ballet- en voetbalkamp en dan hop de auto in voor de eerste helft van de lange reis (1200 km). Na zes uur rijden bereikten we ons hotel voor de nacht, het Ibis Styles in Chalon-sur-Saône. De wederhelft had per ongeluk een kamer geannuleerd in plaats van online ingecheckt dus moesten we een nieuwe kamer bijboeken, een beetje gedoe maar uiteindelijk kregen we nog vrij vlot onze kamers naast elkaar. De meisjes deelden een kamer, de jongens ook.

Om 7u opgestaan, ontbeten en dan alweer en route. Op naar de Alpen. De weg werd snel bochtiger en de Dochter misselijk. Een van een tante gekregen pilletje bracht gelukkig soelaas. Het bleef toch een beetje spannend. Wel mooi om de besneeuwde bergtoppen te zien naderen. Aan de dure Mont Blanc tunnel was het twintig minuten aanschuiven, maar voor de rest was er eigenlijk amper verkeer. Op een uur of anderhalf voor onze eindbestemming aten we nog een pizza in een verlaten Italiaans bergdorp.

Het leven in Piemonte is eenvoudig. Er is een gigantisch aanbod aan wijndomeinen en restaurants, maar zo goed als niks voor kinderen. Geen dierenparken, geen avonturenparken, geen kayaks. Er zijn kastelen, maar ze worden niet toeristisch uitgebaat. Tussen 12 en 16u valt het leven volledig stil is zijn winkels, kerken, musea gesloten. De terrassen leeg, de mensen nergens te bespeuren. Bovendien is alles ver weg door de ieniemini wegeltjes tussen de dorpjes in de heuvels. Voor een simpele wandeling zit je al gauw een uur in de auto.

Wat we dan al gedaan hebben?

Gezwommen. De kindjes spenderen elke namiddag vele uren in het zwembad. De Dochter voor het eerst compleet zonder bandjes en dat gaat haar goed af. De laatste dagen is het hier wel fris en bewolkt wat het zwembad heel koud maakt. Op onze heuvel is het dan nog enkele graden frisser dan beneden in Aqcui Terme.

Gewandeld. We deden al 3 tochten van 7 en 1 van 9km. De eerste in een wild natuurpark waar iedereen schrammen opliep en we meermaals onze weg verloren. De tweede tussen de wijngaarden en de derde hier in de buurt. Toen ging ook De Dochter mee en kreeg ik geregeld 16 kilo in de draagzak. Gezellig maar puffen.

Geocachen. Wanneer er schatten liggen, proberen we ze mee te pakken. Intussen alles in de onmiddellijke omgeving al gedaan.

Lekker eten. Om de dag gaan we met z’n tienen op restaurant. Geen spaghetti bolognaise of pizza Hawaï maar authentieke Italiaanse keuken met primi en secundo. Omdat die tweede vaak niet vegetarisch is, eet ik soms twee primi’s of een pasta en een dessert, de zogeheten dolci. Gister aten we pizza in een supergrappig afgelegen restaurantje uitgebaat door twee oude mannen (vader en zoon?) waar ik de lekkerste pizza at ooit.

Diertjes. Gisteren zagen we een hertje (het kwam voor de auto staan) en een konijntje. Maandag een eekhoorn. Elke dag wordt ik levend opgegeten door tijgermuggen (ik durf niet tellen maar gok op +40 beten). In de kamer van de kindjes wonen duizendpoten en op het terras speciale mega wespen die gelukkig niet echt in ons geïnteresseerd zijn.

Cultuur. Aqcui Terme is een aardig stadje met flink wat geschiedenis. Vier bogen van een Romeins aquaduct. Een bron met water van 74,5 graden. Een kasteel. Stadsmuren. Een Romeins zwembad dat maar twee uur per dag te bezoeken valt. Verlaten oude kuuroorden en nieuwere nog open kuurhotels.

Lezen. Ik las ‘de bekeerlinge’ van Stefan Hertmans op 6 dagen. Ben nu begonnen in Idaho van Emily Ruskovich. Met telkens 1 oog op de Dochter in het zwembad.

Plannen?

Maandag heb ik een alpacawandeling geboekt, daar kijk ik wel naar uit. Verder gaan we zeker Genua verkennen (anderhalf uur rijden). Nog een paar keer gaan eten en wat wandelen of geocachen. En nog meer zwembadplezier.

De vakantie is begonnen

Vrijdagmiddag is de zomervakantie begonnen voor de kindjes. Nog een drankje op school, nog een babbeltje met iedereen en dan een pizza gaan eten met een tante van mij die toevallig in de stad was. De rest van de middag hebben ze dan gewoon thuis wat gezeten, ze waren precies heel moe.

Zaterdag dan direct een heel drukke dag. Zoon moest om 12u aan de Gentbrugse Meersen staan voor de eindactiviteit van de scouts. Er waren welgeteld 6 kindjes. Vond ik toch wel heel weinig voor zo’n jaarafsluiter. Maar hij heeft zich geel goed geamuseerd. Om 14u mocht dochter dan weer naar een superleuk verjaardagsfeest van een vriendinnetje en haar broertje. Dat ging door in een lagere school. Ideale locatie, koel, enorm veel plaats, springkasteel en speelgoed a volonté. En toen we haar ’s avonds mochten ophalen was er zelfs eten voorzien, we hebben daar nog anderhalf uur met de andere ouders zitten babbelen.

Zondag dan trokken we met maar liefst 6 kindjes naar Huisdiergeheimen 2, met dank aan Ketnet. Geweldige film. De jongste kleuters waren net 5 en niemand was bang. En zowel ik als de wederhelft hebben ons echt kostelijk geamuseerd met de volwassenenhumor die er hier en daar in zat. Ideale familiefilm voor deze zomer als je het mij vraagt.

Vanmorgen is de kroost dan blij vertrokken naar hun allereerste Musicalkamp, van compagnie Mila, hier in Gent. Bij allebei gaat het rond een jungle thema zijn. De Dochter is dus vertrokken verkleed als panter en de oudste als ranger. Ik ben heel benieuwd hoe dat gaat meevallen. De jongste is een waar podiumbeest en zingt de hele dag. Zoon is verlegen maar danst en zingt eigenlijk wel graag en de juf zei op het oudercontact nog dat hij eigenlijk wel creatief is. Hopelijk is deze week dus een schot in de roos. Vrijdagnamiddag mogen we naar de show gaan kijken…

La Palma dag 5 – La Zarza

Een frisse maar zonnige dag vandaag. Na het ontbijt even discussie over wat we gaan doen. We besluiten voor iets in de buurt te gaan gezien de wagenzieke Dochter en trekken naar La Zarza, een soort archeologisch minimuseum met een laurierbos erachter waardoor je naar prehistorische rotstekeningen wandelt van de originele bewoners van dit eiland.

La Zarza is maar 3 dorpen verder maar de tocht is weer behoorlijk stijl en kronkelig en duurt al gauw een half uur. Het ligt wat hoger in de heuvels en het is er merkelijk kouder. Eens daar treffen we vooral doorwinterde wandelaars met fleece en outdoorkleding en vallen we wat uit de toon met onze t-shirts en zomertruitjes. Stevig schoeisel hebben we gelukkig wel.

We bezoeken eerst het minimuseumpje dat de geschiedenis probeert te schetsen van de eerste bewoners maar heel veel lijkt er niet geweten. Het is charmant en de toegang bedraagt maar 2,5 euro. We besteden toch wat tijd in de ene kamer die het museum rijk is.

En dan trekken we het vochtige, donkere soortement oerbos in waar het echt fris is. De tocht is niet lang maar wel een klein beetje avontuurlijk zodat de Dochter het op eigen kracht kan, wel lichtjes klagend. Een natuurmens zal ze niet worden, net zomin als ik.

Het is een fijn tochtje en de tekeningen (spiralen vooral) zijn leuk om te ontdekken. Het is wel echt koud, we zijn wat underdressed. Je kan hier in de buurt nog enkele langere tochten doen, maar dat is met onze kleine meid geen goed plan helaas. Dus laten we de hikers hun ding doen en besluiten wij op Na de wandeling terug naar ons dorp te rijden en daar wat te gaan eten. De terugtocht blijkt een uitdaging, de Dochter wordt misselijk en we moeten onderweg regelmatig even stoppen midden op een berg. Gelukkig zijn er hier en daar uitwijkstroken waardoor we kunnen stoppen, dat is hier lang niet altijd het geval. De kotsemmer blijft dus leeg al scheelde het soms heel weinig.

In Puntagorda blijken alle restaurants gesloten en eindigen we in de supermarkt waar we compleet uitgehongerd snel wat stokbrood kopen. Daarna gaan de kinderen zwemmen en lees ik wat. De zon is zalig maar de wind maakt het behoorlijk fris. Na het zwemmen zitten Zoon en ik nog wat te kleuren en te lezen op het terras, maar stevig ingepakt en onder een deken, best een grappig gevoel.

Dan trekken we terug naar het centrum en nu blijken de restaurants wel open. We kiezen voor Jardin de los Naranjas, een gezellig restaurantje met een ruime keuze aan vegetarische gerechten naast traditionele gerechten met konijn en geit. Ik krijg een smakelijke couscous, Zoon een veggie lasagne en de Dochter een soepje. De wederhelft eet iets met rund. Dit is zogezegd een prijziger restaurant maar 10 euro voor een vegetarisch hoofdgerecht en 4 voor een dessert vinden wij heel erg meevallen. De kindjes krijgen nog een handvol snoep achteraf en wij een proevertje Baileys. Grote aanrader dit plekje.

La Palma dagen 3 en 4: camino real de la costa (GR 130)

Toen we vertrokken vroeg er iemand waarom we in de paasvakantie naar een Canarisch eiland trokken; dat zit daar toch vol toeristen? Vergeet dat maar als het over La Palma gaat en zeker als je in het Noordwesten zit. Er zijn hier geen stranden en het eerste hotel moeten we nog tegenkomen. Gisteren hebben we 3 uur gewandeld en zijn we in die tijd welgeteld twee andere wandelaars tegengekomen. Verder nog een tweetal boeren en een handvol honden. Het is hier ontzettend rustig.

In de reisgids stond dat het hier vroeger populair was bij hippies. Die zijn inmiddels grotendeels uitgestorven, maar je ziet er nog restanten van; mensen op leeftijd met fleurige kleren, wat dreadlocks, afgelegen zelfvoorzienende kleine huisjes, en verlaten juwelenkraampjes waar je het geld in een spaarvarken moet stoppen als je iets wil kopen.

Gister trokken we eerst naar de markt in Puntagorda. Vrij klein maar ontzettend populair, de enige keer dat we wat andere toeristen zagen. 2/3 van de markt is gewijd aan eten, 1/3aan handgemaakte hebbedingetjes. Buiten stonden wat gasten wiet te roken, binnen kon je vers geperste suikerrietlimonade drinken of voor amper4 euro een caiperinha. Er was zelfs vegan cappuccino en ijs.

Omdat het zondag de warmste dag zou zijn, wilden we van de namiddag een zwembadmiddag maken. Maar na een uur of twee kwamen de wolken opzetten uit de oceaan en werd het gemeen koud. Het was al 16u maar zoon en ik wilden onze benen nog eens strekken. Ik had ontdekt dat het GR pad dat de hele kust van het eiland volgt pal bij passeerde. Het was 10km naar Tijarafe, een volgend stadje. Veel te ver volgens de wederhelft. Maar Zoon wou graag nog een klein stukje van het pad verkennen. Ik pakte voor de zekerheid de rugzak met voldoende water en een koekje en we trokken op weg.

Het bleek een geweldige wandeling. Direct spectaculair een kloof in en aan de andere kant er weer uit. Zoon zette er een goed tempo in. Hij bleef stappen en we hadden er geweldig veel lol in. We kwamen in een verlaten naaldbos terecht. We kwamen na een dik uur in het volgend dorp terecht. Zoon wilde verder, heel het pad af. We stapten tot de helft. Ik besloot naar de wederhelft te bellen om ons plan even af te checken. Bellen lukte niet, geen ontvangst aan de andere kant,gelukkig lukte facetimen wel. De wederhelft stemde toe om ons binnen anderhalf uur in Tijarafe te komen ophalen.

Wij stapten dapper voor. Soms werd het plots heet en moesten we onze trui uitspelen, wat later liepen we in de wolken en was het fris. Het terrein werd almaar lastiger met een eindeloze afdaling langs verraderlijke dikke stenen. Gelukkig was het pad uitstekend aangegeven. Het schoot alleen niet op. Na twee uur wandelen moesten we nog meer dan 3 km afleggen en het werd stilaan laat.

Idyllisch was het wel, door verlaten dalen en door bossen, nooit 5 meter plat maar altijd stijgen en dalen. En dan viel Zoon. Niet erg, maar de fut was eruit. En we moesten nog een dik half uur flink doorstappen. Met een beetje motiveren en een koekje lukte het weer. Doodmoe en met 10km en 3uur in de benen kwamen we aan in Tijarafe. Daar was het even zoeken naar de rest van het gezin maar dan vonden we elkaar en staken we de vermoeide benen onder tafel in een kleine pizzeria.

Op de terugweg slaagde Dochter erin haar pizza in haar maag te houden en toen we aankwamen, zagen we de zon net in de oceaan verdwijnen. Magisch…

Vandaag werden we wakker met veel wolken en nu en dan wat regen. De mannen gingen eerst boodschappen doen. Ik ging op zoek naar activiteiten. In onze reisgidsen worden maar enkele bladzijdes aan deze regio gewijd, maar in combinatie met het internet vond ik toch een leuke wandeling die niet verder was dan een kwartier rijden. Want met de Dochter is onze actieradius erg beperkt.

We reden verder naar het noorden, naar La Tricia’s, alweer je opnieuw de Camino real de la costa kan volgen naar Buracas, een afgelegen dal met dragos, de typische drakenbloedbomen en grotten waar de oorspronkelijke bevolking tekeningen heeft achtergelaten. Omdat de Dochter bepaald geen wandelaar is besloten we de tip van een blog op te volgen en het eerste deel af te snijden met de auto. Wat de blog niet vermeld had, was dat de straat supersmal was en stijl naar beneden liep. En uiteraard kwamen we tegenliggers tegen. De assertieve Duitse hippies op leeftijd dwongen ons om een eind achteruit te rijden tot we konden kruisen. Er was ook nergens echt parking. Dus toen we een klein parkeerplaatsje tegenkwamen aan een molen lieten we de auto achter.

De molen bleek het gofio museum; een half gerestaureerde molen geweid aan het speciaal soort granenpap eigen aan het eiland. Ik denk dat de molen 5 bezoekers krijgt op een dag maar de man daar liet het niet aan zijn hart komen en gaf ons een bezielde privé-rondleiding waarbij de kinderen hun handen diep in allerlei meel staken en helemaal wit werden.

Van daar liepen we de weg verder tot we aan het GR pad kwamen en iets verder aan de bio finca Aloe waar vegetarische Duitse hippies zelf brood bakken en bio en veggie hapjes maken. In een idyllische tuin aten we een stukje vegan chocoladetaart en zelfgemaakte Ice tea terwijl het weer aan het regenen sloeg.

Daarna trokken we de kloof in. Hier kan je dus klauteren langs enkele grotten en natuurlijke bronnen. Heel leuk maar soms een beetje te gevaarlijk met de kleinste, zeker omdat je langs een ravijn stapt. Op een bepaald punt werd het pad echt te gevaarlijk (steil omhoog langs rotsen klimmen) en keerden we, net als alle wandelaars, terug langs de finca. Het was te slotte nog een lange klim terug tot aan de auto. Tot ieders verbazing deed ook de kleinste alles op eigen kracht en mocht de draagzak in de rugzak blijven.

Ik ben intussen helemaal verliefd op La Palma. De sfeer is zalig, met de restanten van de hippie cultuur en verder vooral wandelaars en lokale bewoners. Overal de oceaan. Miljoenen bloemen. Snachts een prachtige sterrenhemel. Lekkere kleine banaantjes…