Dat de fiets van Zoon al betere dagen had gehad

Dit weekend heeft Zoons fiets nogal afgezien. Nu ja, nog altijd beter de fiets dan de eigenaar ervan, toch?

Het begon zaterdag. In de gewoonlijke hobby-rush had de wederhelft het lumineuze idee gehad om Zoon met de auto naar de scouts te voeren, aangezien ze in tijdsnood zaten, maar zijn fiets in de koffer te laden zodat hij ’s avonds met de fiets opgehaald kon worden in de plaats van daar in de file te gaan staan. En dat is op zich geen slecht plan. Ware het niet dat hij erin geslaagd is de fiets zo danig in de koffer te laden dat de kabels van de verlichting afgerukt zijn én de lamp afgeknakt is. Oh boy.

Maar dat is nog niet eens alles. Zondagmorgen ga ik samen met Zoon naar Let’s LousART,
een supersympathiek marktje met zelfgemaakt gerief waar ik graag kleren, oorbellen en postkaartjes scoor. We hadden eigenlijk geen tijd aangezien we na de middag al naar mijn pa moesten wat ook nog eens bijna 3 uur auto is in totaal, maar ik had op social media gelezen dat Pol Cosmo er ging staan en ik wou al lang een tshirt van hem. En toen ik dat zei, wou Zoon ook een t-shirt.

We fietsen dus naar de Lousbergkaai, parkeren onze fietsen. Hij heeft wat moeite om zijn klein slot rond de fiets en de stalling te krijgen, dus ik spring bij, maar kan er zelf niet heel goed aan, verzet mij wat en plots is dat slot geforceerd; het is gesloten maar nog een klein stukje open. Ik ben niet zeker dat het wel veilig gesloten is. Maar wat blijkt, het is niet onveilig, het gaat echter totaal niet meer open. Ik sta daar te duwen en te trekken aan dat slot, bel een vriend op die toevallig thuis is en in de buurt woont maar die weet ook geen raad.

Eerst even onze shirts kopen en dan Zoon op mijn fiets naar huis gevoerd. Mijn man is echter geen klusser en wist ook totaal geen raad. En we moesten al bijna naar mijn pa vertrekken. Dan een sms gestuurd naar de buren en die konden ons meteen depanneren met een ijzerzaag. De wederhelft naar het park gereden, fietsslot overgezaagd en fiets in de auto gezwierd.

Qua fietsmishandeling kon afgelopen weekend dus wel tellen. Maar hé, we hebben wél keicool Pol Cosmo-gerief.

La Palma – laatste dagen

Intussen zijn we alweer terug thuis, intussen ook met echt Belgisch weer helaas, maar jullie hadden nog een verslag te goed van de laatste twee dagen in La Palma.

Op donderdag hadden we een boottochtje gepland. Omdat het toch een eind rijden was, besloten we het te combineren met een bezoekje aan Los Llanos, de tweede belangrijkste en moderne stad van het eiland. Groot is het er echter niet, maar wel behoorlijk gezellig. We kuierden wat door de straatjes. De kinderen wilden graag wat shoppen, Zoon wou een armband of een ketting nadat we er eens hadden gezien in een verlaten kraam aan de kant van de weg in de buurt van een soortement hippiedorp. Maar het was de donderdag voor Pasen en twee derde van de winkels was gewoon potdicht.

Eten kon gelukkig wel. We kwamen terecht in El Hidalgo, een door Duitsers alweer uitgebaat restaurant waar we met open armen ontvangen werden en een plekje kregen op een heerlijk terras. Er waren veel vegetarische opties op de kaart en het eten was lekker. Ook al was de pasta van zoon niet met tomatensaus maar met iets bruin en paddestoelen…

Tijdens het eten kregen we telefoon van de eigenaars van de boot waar we in de namiddag mee gingen varen of we onze tocht niet liever een dagje wilden uitstellen gezien er behoorlijk veel golven waren vandaag. Dat wilden we wel, maar we moesten op vrijdag onze vlucht naar Nederland halen dus het was niet mogelijk. Helaas…

Na het eten reden we dus door naar Tazacorte waar we nog een kleine wandeling maakten en dan op zoek gingen naar de haven (onze gps bleek regelmatig dol te draaien op het eiland dus een zoektocht was het wel) waar de boot Fancy op ons lag te wachten. De bedoeling was om op zoek te gaan naar walvissen, dolfijnen en andere zeebeesten en intussen een blik te werpen op mooie plekjes langs de Noordwestkust. Zoals de ‘piratenkloof in Tijarafe’, een must-see waar je in de reisgidsen niks van leest. Maar bij nader opzoeken bleek de autoweg ernaartoe veel maar dan ook veel te steil voor onze bescheiden citroën cactus en na het lezen van enkele rampverhalen online wou de wederhelft dat avontuur echt niet aangaan. Er was ook een wandelpad dat van Tijarafe afdaalde naar de vissershuisjes beneden aan de oceaan, maar dat werd door eerdere wandelaars beschreven als zwaar sterven en keihard afzien en dat was met twee kinderen erbij dus ook niet bepaald een optie. Maar niet getreurd, het bootje zou de kloof ook aandoen.

Het eerste kwartier ging goed. We zagen dolfijnen. De zee was echt behoorlijk woelig. En toen begon ik mij slechter en slechter te voelen en de Dochter ook. Na een half uur werd het echt afzien en ben ik echt zo ziek als een hond geworden. Echt, ik beval nog liever dan dat ik ooit nog een voet zet op zo een bootje. Het was twee uur zwaar afzien. De bemanning was echt lief en kwam natte doekjes in mijn nek leggen en kotszakjes aanslepen die ik dan braaf vulde en een pilletje brengen tegen reisziekte dat wel een beetje hielp. De Dochter is huilend in slaap gevallen bij de wederhelft op schoot en eens in slaap had die nergens nog last van. Maar het waren twee heel, heel, heel lange uren.

En dan volgde nog de 40 minuten naar huis, op de achterbank zodat Dochter eens niet moest braken maar ik er zelf niet bepaald vrolijker van werd…

Op vrijdag moesten we dan om 10u uit ons huisje. Echter geen huiseigenaar te spotten dus om 10.15 zijn we dan maar vertrokken en hebben we de sleutels gewoon op de deur gelaten, het huisje lag toch aan een privé-weg.

We trokken eerst naar de Caldeira de Taburiente, het grote natuurpark waar je interessante en lange trektochten kan doen die behoorlijk spectaculair moeten zijn. De tocht ernaartoe was echter een uitdaging voor de reiszieken onder ons en eens in het bezoekerscentrum bleek de enige korte wandeling nog een heel eind verder te rijden en we hadden ons wandelgerief ook al ingepakt natuurlijk. We moesten ons dus noodgedwongen beperken tot de expo in het bezoekerscentrum en konden ons niet wagen aan de echte trektochten naar vulkanen. Spijtig maar het is niet anders.

We zijn dan verder gereden naar de andere kant van het eiland, naar hoofdstad Santa Cruz de La Palma waar we in een heel nieuwe wereld terecht kwamen. Waar we voor het eerst in een week tijd echte toeristen zagen. Er was net een cruiseschip aangemeerd en plots werden we omsingeld door Duitsers en Russen met teensletsen en shortjes. Een raar zicht na een week alleen maar wandelbottines te hebben gezien… We kwamen ook midden in de Paasprocessie terecht, waarbij mannen met zwarte puntkappen (denk aan de Ku Klux Klan maar dan zwart) tergend traag en serieus voorbij marcheren en andere mannen een loodzwaar beeld door te straten torsen. Op een bepaald moment stonden we bij een huis met een balkon en toen het beeld daar stopte, begon een man op het balkon een serenade te zingen voor het beeld. Speciaal om bij te wonen.

In een winkeltje van een Duits koppeltje kochten ik en de kindjes elk nog een zilveren ketting met een mooie steen eraan en dan streken we aan de kust neer op een superlekkere pizzeria.

IMG_1927

En dan reden we door naar de luchthaven waar het toch nog enkele uren wachten was op onze vlucht. Gelukkig was er een speeltuintje IN het luchthavengebouw. Mijn maag was nog altijd compleet om zeep na de boottocht en veel eten was er helaas niet bij die avond.

Om iets voor 19 uur stegen we dan op, rond middernacht landden we in Schiphol en dan was het nog een hele eind wachten op de bagage. Om dan te ontdekken dat we niet wisten waar we moesten gaan staan voor de shuttle naar de parking. Enkele keren bellen, van plaats verhuizen, koukleumen in de nacht, vermoeide kinderen later vonden we dan toch een overvolle auto die naar onze parking zou rijden. Halverwege ontdekte de chauffeur dat hij de sleutel van onze auto niet had en wij ook niet. Nog een omweg langs het verlaten bedrijf. En dan naar een nog meer verlaten parkeerterrein. Nog 10 minuten wachten om die afgesloten parking uit te rijden. Enfin, het was dik 2 uur ’s nachts eer we de tocht naar Gent aanvatten en de kinderen eindelijk wat konden slapen. En om 4u30 lagen we eindelijk in bed…

La Palma dag 6 – wandelen, zwemmen, zon,…

Vanmorgen werd ik wakker van de regen. We bleven echter lang in bed liggen en tegen dat we opstonden was het droog en voelde je de zon al achter de wolken. Gisteravond lag iedereen pas heel laat in bed omdat we een teek hadden ontdekt bij Zoon. Hij lag al even in bed en kwam plots af dat hij een bolletje had in het randje van zijn oor. Toen ik keek, bleek dat bolletje te wriemelen. Ik schrok me een hoedje en moet eerlijk bekennen dat ik het zaakje daar heb overgedragen aan de wederhelft die heel moedig met behulp van twee dessertlepels de teek heeft verwijderd. Die nacht sliepen we allemaal wat onrustig.

Vanmorgen dus een laat ontbijt en in de ochtend weinig gedaan. Gewacht tot het weer verder opklaarde. Op het internet gezocht wat we die middag nog konden doen. De opties aan Zoon voorgelegd. Die besloot dat hij alles wou doen.

Na de lunch brachten de Dochter en wederhelft ons met de auto naar het volgende dorp Las Tricias vanwaar Zoon en ik via het Grote Routepad terug naar ons dorp konden stappen.

Het begon meteen goed. We daalden af in de kloof die de twee dorpen scheidt. Helemaal tot de bodem via smalle paadjes zonder omheining. Ik was toch blij dat de Dochter niet wou meewandelen die dag. En toen we de bodem bereikten, na vele spectaculaire uitzichten, moesten we uiteraard weer stijgen. In kilometers was het niet ver, maar met die pittige start deden we zoals verwacht anderhalf uur over onze 5 kilometer. We kwamen trouwens geen enkele andere wandelaar tegen, enkel een handvol bewoners.

Daarna gingen de kinderen opnieuw zwemmen. Na het douchen besloot Zoon dat hij ook nog de derde door ons voorgestelde activiteit wou doen; met de auto naar de Roque de los Muchachos rijden, het hoogste punt van het eiland. 30km ver, maar een uur rijden en via een maaginhoudbeproevend baantje. Geen optie dus voor de Dochter. Maar inmiddels was het ook al 18u. Vakantie dient echter om te genieten en dus zijn de jongens nog vertrokken en bleef ik rustig bij de Dochter. Ik las in de zon mijn boek uit (nevermoor: the trials of Morrigan Crow, topboek genre Harry Potter), nam een douche, ruimde wat op en begon dan heel traag aan het eten. Toch waren we al klaar met eten eer de mannen om 20u30 bij zonsondergang terugkeerden vol verhalen en met tal van mooie foto’s. Spijt dat ik het heb gemist maar je kan helaas niet alles hebben.

Morgen namiddag hebben we een boottochtje gereserveerd. Vrijdagavond vliegen we terug en moeten we eerst ons mooi kotsend meisje terug op de luchthaven krijgen. De tijd gaat veel te snel. Het is hier echt paradijselijk.

La Palma dag 5 – La Zarza

Een frisse maar zonnige dag vandaag. Na het ontbijt even discussie over wat we gaan doen. We besluiten voor iets in de buurt te gaan gezien de wagenzieke Dochter en trekken naar La Zarza, een soort archeologisch minimuseum met een laurierbos erachter waardoor je naar prehistorische rotstekeningen wandelt van de originele bewoners van dit eiland.

La Zarza is maar 3 dorpen verder maar de tocht is weer behoorlijk stijl en kronkelig en duurt al gauw een half uur. Het ligt wat hoger in de heuvels en het is er merkelijk kouder. Eens daar treffen we vooral doorwinterde wandelaars met fleece en outdoorkleding en vallen we wat uit de toon met onze t-shirts en zomertruitjes. Stevig schoeisel hebben we gelukkig wel.

We bezoeken eerst het minimuseumpje dat de geschiedenis probeert te schetsen van de eerste bewoners maar heel veel lijkt er niet geweten. Het is charmant en de toegang bedraagt maar 2,5 euro. We besteden toch wat tijd in de ene kamer die het museum rijk is.

En dan trekken we het vochtige, donkere soortement oerbos in waar het echt fris is. De tocht is niet lang maar wel een klein beetje avontuurlijk zodat de Dochter het op eigen kracht kan, wel lichtjes klagend. Een natuurmens zal ze niet worden, net zomin als ik.

Het is een fijn tochtje en de tekeningen (spiralen vooral) zijn leuk om te ontdekken. Het is wel echt koud, we zijn wat underdressed. Je kan hier in de buurt nog enkele langere tochten doen, maar dat is met onze kleine meid geen goed plan helaas. Dus laten we de hikers hun ding doen en besluiten wij op Na de wandeling terug naar ons dorp te rijden en daar wat te gaan eten. De terugtocht blijkt een uitdaging, de Dochter wordt misselijk en we moeten onderweg regelmatig even stoppen midden op een berg. Gelukkig zijn er hier en daar uitwijkstroken waardoor we kunnen stoppen, dat is hier lang niet altijd het geval. De kotsemmer blijft dus leeg al scheelde het soms heel weinig.

In Puntagorda blijken alle restaurants gesloten en eindigen we in de supermarkt waar we compleet uitgehongerd snel wat stokbrood kopen. Daarna gaan de kinderen zwemmen en lees ik wat. De zon is zalig maar de wind maakt het behoorlijk fris. Na het zwemmen zitten Zoon en ik nog wat te kleuren en te lezen op het terras, maar stevig ingepakt en onder een deken, best een grappig gevoel.

Dan trekken we terug naar het centrum en nu blijken de restaurants wel open. We kiezen voor Jardin de los Naranjas, een gezellig restaurantje met een ruime keuze aan vegetarische gerechten naast traditionele gerechten met konijn en geit. Ik krijg een smakelijke couscous, Zoon een veggie lasagne en de Dochter een soepje. De wederhelft eet iets met rund. Dit is zogezegd een prijziger restaurant maar 10 euro voor een vegetarisch hoofdgerecht en 4 voor een dessert vinden wij heel erg meevallen. De kindjes krijgen nog een handvol snoep achteraf en wij een proevertje Baileys. Grote aanrader dit plekje.

La Palma dagen 3 en 4: camino real de la costa (GR 130)

Toen we vertrokken vroeg er iemand waarom we in de paasvakantie naar een Canarisch eiland trokken; dat zit daar toch vol toeristen? Vergeet dat maar als het over La Palma gaat en zeker als je in het Noordwesten zit. Er zijn hier geen stranden en het eerste hotel moeten we nog tegenkomen. Gisteren hebben we 3 uur gewandeld en zijn we in die tijd welgeteld twee andere wandelaars tegengekomen. Verder nog een tweetal boeren en een handvol honden. Het is hier ontzettend rustig.

In de reisgids stond dat het hier vroeger populair was bij hippies. Die zijn inmiddels grotendeels uitgestorven, maar je ziet er nog restanten van; mensen op leeftijd met fleurige kleren, wat dreadlocks, afgelegen zelfvoorzienende kleine huisjes, en verlaten juwelenkraampjes waar je het geld in een spaarvarken moet stoppen als je iets wil kopen.

Gister trokken we eerst naar de markt in Puntagorda. Vrij klein maar ontzettend populair, de enige keer dat we wat andere toeristen zagen. 2/3 van de markt is gewijd aan eten, 1/3aan handgemaakte hebbedingetjes. Buiten stonden wat gasten wiet te roken, binnen kon je vers geperste suikerrietlimonade drinken of voor amper4 euro een caiperinha. Er was zelfs vegan cappuccino en ijs.

Omdat het zondag de warmste dag zou zijn, wilden we van de namiddag een zwembadmiddag maken. Maar na een uur of twee kwamen de wolken opzetten uit de oceaan en werd het gemeen koud. Het was al 16u maar zoon en ik wilden onze benen nog eens strekken. Ik had ontdekt dat het GR pad dat de hele kust van het eiland volgt pal bij passeerde. Het was 10km naar Tijarafe, een volgend stadje. Veel te ver volgens de wederhelft. Maar Zoon wou graag nog een klein stukje van het pad verkennen. Ik pakte voor de zekerheid de rugzak met voldoende water en een koekje en we trokken op weg.

Het bleek een geweldige wandeling. Direct spectaculair een kloof in en aan de andere kant er weer uit. Zoon zette er een goed tempo in. Hij bleef stappen en we hadden er geweldig veel lol in. We kwamen in een verlaten naaldbos terecht. We kwamen na een dik uur in het volgend dorp terecht. Zoon wilde verder, heel het pad af. We stapten tot de helft. Ik besloot naar de wederhelft te bellen om ons plan even af te checken. Bellen lukte niet, geen ontvangst aan de andere kant,gelukkig lukte facetimen wel. De wederhelft stemde toe om ons binnen anderhalf uur in Tijarafe te komen ophalen.

Wij stapten dapper voor. Soms werd het plots heet en moesten we onze trui uitspelen, wat later liepen we in de wolken en was het fris. Het terrein werd almaar lastiger met een eindeloze afdaling langs verraderlijke dikke stenen. Gelukkig was het pad uitstekend aangegeven. Het schoot alleen niet op. Na twee uur wandelen moesten we nog meer dan 3 km afleggen en het werd stilaan laat.

Idyllisch was het wel, door verlaten dalen en door bossen, nooit 5 meter plat maar altijd stijgen en dalen. En dan viel Zoon. Niet erg, maar de fut was eruit. En we moesten nog een dik half uur flink doorstappen. Met een beetje motiveren en een koekje lukte het weer. Doodmoe en met 10km en 3uur in de benen kwamen we aan in Tijarafe. Daar was het even zoeken naar de rest van het gezin maar dan vonden we elkaar en staken we de vermoeide benen onder tafel in een kleine pizzeria.

Op de terugweg slaagde Dochter erin haar pizza in haar maag te houden en toen we aankwamen, zagen we de zon net in de oceaan verdwijnen. Magisch…

Vandaag werden we wakker met veel wolken en nu en dan wat regen. De mannen gingen eerst boodschappen doen. Ik ging op zoek naar activiteiten. In onze reisgidsen worden maar enkele bladzijdes aan deze regio gewijd, maar in combinatie met het internet vond ik toch een leuke wandeling die niet verder was dan een kwartier rijden. Want met de Dochter is onze actieradius erg beperkt.

We reden verder naar het noorden, naar La Tricia’s, alweer je opnieuw de Camino real de la costa kan volgen naar Buracas, een afgelegen dal met dragos, de typische drakenbloedbomen en grotten waar de oorspronkelijke bevolking tekeningen heeft achtergelaten. Omdat de Dochter bepaald geen wandelaar is besloten we de tip van een blog op te volgen en het eerste deel af te snijden met de auto. Wat de blog niet vermeld had, was dat de straat supersmal was en stijl naar beneden liep. En uiteraard kwamen we tegenliggers tegen. De assertieve Duitse hippies op leeftijd dwongen ons om een eind achteruit te rijden tot we konden kruisen. Er was ook nergens echt parking. Dus toen we een klein parkeerplaatsje tegenkwamen aan een molen lieten we de auto achter.

De molen bleek het gofio museum; een half gerestaureerde molen geweid aan het speciaal soort granenpap eigen aan het eiland. Ik denk dat de molen 5 bezoekers krijgt op een dag maar de man daar liet het niet aan zijn hart komen en gaf ons een bezielde privé-rondleiding waarbij de kinderen hun handen diep in allerlei meel staken en helemaal wit werden.

Van daar liepen we de weg verder tot we aan het GR pad kwamen en iets verder aan de bio finca Aloe waar vegetarische Duitse hippies zelf brood bakken en bio en veggie hapjes maken. In een idyllische tuin aten we een stukje vegan chocoladetaart en zelfgemaakte Ice tea terwijl het weer aan het regenen sloeg.

Daarna trokken we de kloof in. Hier kan je dus klauteren langs enkele grotten en natuurlijke bronnen. Heel leuk maar soms een beetje te gevaarlijk met de kleinste, zeker omdat je langs een ravijn stapt. Op een bepaald punt werd het pad echt te gevaarlijk (steil omhoog langs rotsen klimmen) en keerden we, net als alle wandelaars, terug langs de finca. Het was te slotte nog een lange klim terug tot aan de auto. Tot ieders verbazing deed ook de kleinste alles op eigen kracht en mocht de draagzak in de rugzak blijven.

Ik ben intussen helemaal verliefd op La Palma. De sfeer is zalig, met de restanten van de hippie cultuur en verder vooral wandelaars en lokale bewoners. Overal de oceaan. Miljoenen bloemen. Snachts een prachtige sterrenhemel. Lekkere kleine banaantjes…

La Palma dagen 1 en 2: de lange hobbelige reis

Gisterenavond was het een race tegen de zon om op onze eindbestemming te raken. Die zon was al in de Atlantische oceaan gezakt en de kleine bergwegen waren absoluut niet geschikt om in het donker voor het eerst te verkennen. Zeker niet met een kotsende huilende kleine meid op de achterbank. Het was maar 57 km van de luchthaven tot ons huisje, maar daar deden we meer dan 1u15 over en de weg liep zelden langer dan 10meter rechtdoor. Ofwel kronkelt hij over de bergen, ofwel langs de oceaan. En Dochters maag kon dat absoluut niet verdragen.

Na 12 uur reizen komen we na wat zoeken dus eindelijk aan op onze bestemming waar een lieve buurman de weg wijst. We treffen het huisje verlaten aan. Gelukkig zitten de sleutels op de deur. En plots staat er een enthousiast ratelende Spaanse eigenaar die geen woord Engels spreekt.

Gelukkig zijn we vooral met het welkomstpakket in huis; een gigantische berg fruit, een schaal koekjes en een fles water. We hebben op een stuk cake en wat boterhammen na niks meer gegeten sinds de ochtend en de winkels zijn al gesloten. En het mooie kotsende meisje terug in de auto laden op zoek naar een restaurant is ook bepaald geen optie. Dus iedereen eet een banaan en een koek en we kruipen compleet uitgeteld onder de wol.

Al bij al was de reis nochtans vlot verlopen. Om 9u vertrokken in Gent, tegen 11u30 aangekomen op onze parking in Uithoorn (zeer goed verstopt op een bedrijventerrein en dus even moeten zoeken) vanwaar een busje ons na een kwartier wachten naar Schiphol brengt. Om 14u35 vertrekt de vlucht dan. In La Palma kunnen we vrijwel meteen onze koffers oppikken maar moeten dan meer dan een uur wachten aan het loket van de huurauto’s. Hongerig en uitgeteld.

Ons huisje is super. Rustig, zicht op de oceaan, voorzien van alles. Het zwembad is overdekt en daardoor lekker warm. Het ligt wat hoger de berg op, achter ons huis. Op het terras daar is het ook superwarm. Aan ons huisje zelf is het wat frisser en binnen eerder koud.

Vanmorgen eerst ontbijt kopen. Dan wandelden we even naar de Mirador Los Dragos, een uitkijkpunt met de oudste boom van het eiland hier 300 meter vandaan. Wel langs een baan zonder voetpad. Gelukkig liep er langs de mirador een GR pad vanwaar we veilig Puntagorda in konden wandelen. Heel groot is het niet, maar blijkbaar zijn er wel enkele bars en pizzeria’s. Bars zijn hier trouwens nog echt van die mannelijke donkere drankholen. Maar ze hadden er wel goede koffie.

We waren te moe om nog te wachten tot restaurants openden en liepen langs de Spar terug naar huis met wat verse groenten en rijst in de rugzak en de Dochter die al moe was in de draagzak. Het was anderhalf jaar dat ik haar nog had gedragen. En als je het niet meer gewend bent is 15 kilo wel puffen om hier de heuvels mee te beklimmen. Maar ook wel heel knus.

De namiddag brachten we door aan het zwembad. Zalig met zicht op zee, in een aangenaam zonnetje. Inmiddels is die zon verscholen achter een dik wolkendek en dat maakt het meteen fris buiten.

Geen idee wat we de komende dagen gaan doen. Het volgende stadje waar wat leuke dingen zijn is 20km rijden, maar je doet er een half uur over en ik weet echt niet of de Dochter dat gaat kunnen zonder kotsen. Dat hadden we niet verwacht. Ons huisje ligt wat in een uithoek. De leuke dorpjes zijn niet ver, maar de weg ernaartoe is werkelijk 1 mega haarspeldbocht. Maar in de onmiddellijke omgeving is dan weer weinig meer dan ons zwembad… we zien wel. Eerst nog wat bekomen want de lange reis zit echt nog in onze kleren.

He’s back!

Ja mensen ik heb gisteren op hete kolen gezeten. De scoutsbus zou normaal om 15.45 aankomen. Via sociale media hoorden we rond 15u dat ze pas vertrokken waren en dat het 16.30 zou worden. Toen ik om 16.30 wou vertrekken bleek het dan door de files 17.30 te zullen worden. Intussen zat ik echt zwaar op hete kolen. Al de dagen voordien was het prima gegaan met het missen en toestanden, maar nu op de dag van Zoons thuiskomst kon het me niet snel genoeg gaan.

Eens aan de verzamelplaats stond er zowaar al een bus, van de juiste maatschappij en met de kenmerkende scoutshemden en -dassen, maar van de verkeerd leeftijd. Aaaargh! Gelukkig kwam enkele minuten later de tweede bus al aangetuft. En was het dan op het topje van mijn tenen turen tot ik ein-de-lijk een blik opving van mijn mannetje. Eerst kon ik er niks uit afleiden, maar uiteindelijk kwam hij dan toch als bijna laatste van die bus en kwam hij naar ons gerend.

Meteen bleek dat hij een fijn scoutskamp had beleefd en viel er toch een gewicht van mijn schouders. Je weet toch maar nooit uiteindelijk. En dan kwamen de verhalen. Spontaan. En veel. Hij heeft drie uur lang zo goed als non stop verteld. Eerst zijn rugzak uitgepakt thuis en dan mocht hij kiezen naar welk restaurant we gingen. Het werd pizza. Gezellig onder ons drietjes want de jongste was die dag naar de grootouders vertrokken voor twee dagen. En de verhalen bleven en bleven maar komen en het was zo hard genieten om hem bezig te horen. Dan was het eigenlijk al laat maar hij zag echt behoorlijk zwart van het vuil dus nog even in bad en ook daar bleef hij vertellen. Hij begon zelfs spontaan over het groot zomerkamp.

De leiding heeft zijn schaafwondes prima verzorgd, hij is niks van kledij kwijtgeraakt behalve een afwashanddoek en die heeft de leiding dan nog verloren én een tand waarvoor de paashaas hem beloond heeft met drie paaseitjes in zijn slaapzak de volgende ochtend. Wat een avonturen. Hij heeft weer nieuwe vrienden gemaakt, een showtje gegeven op een avond, veel spelletjes gespeeld (leuke en minder leuke of vreemde), goed gegeten, gevoetbald,… Ik denk dat deze scout een geweldig fijne tijd heeft beleefd. En dat doet mijn hart zo deugd…