Drie maanden al

Vandaag had ik zin om, net zoals ik op mijn andere blog een maandelijks briefje aan Zoon pleeg, een brief te schrijven aan mijn mama. Wat redelijk zinloos is, omdat ze het nooit zal lezen. Maar haar kunnen vertellen hoe het tegenwoordig allemaal gaat, dat mis ik net het meest.

Iemand die je graag ziet is niet weg, maar leeft verder in de herinneringen. Elke dag. Maar het gemis is zo groot. En uit zich in de meest dagdagelijkse dingen. Ik mis het gewoon om haar te vertellen hoe de dag en de week is geweest. Dat Zoon begint te kruipen en alweer een tandje erbij heeft. Dat ze met de Gentse Feesten een rinkelende gsm in onze brievenbus hebben gedropt. Dat ik doodmoe ben en vakantie nodig heb. Dat die vakantie nadert, gelukkig. Dat ik ben gaan shoppen. Dat het soms allemaal niet gemakkelijk is, een klein kindje hebben en mama zijn. Dat ik haar mis.

Het leven voelt gewoon zo leeg, zonder haar. Ik weet me uitstekend omringd, daar niet van en toch voel ik me soms zo alleen. Mijn allerbeste maatje is weg, mijn allerliefste vriendin, die ene persoon bij wie ik altijd terecht kon voor zowel belachelijk kleine als heel grote dingen en die beide met evenveel liefde beluisterde. Er zijn mijn vader en mijn broer, maar die staan toch verder af. Mama en ik, dat waren twee handen op één buik. En het gemis is enorm.

En het is waar dat het leven doorgaat en dat ik een eigen gezinnetje heb, een eigen plek, een eigen leven kortom. Maar in alles wat ik doe en ben besef ik dat zij mij voor een groot stuk heeft gevormd. Ook in de dingen waarin ik radikaal anders ben, want ook daar is zij toch weer de norm waarvan ik verschil. En zo leeft ze voort, dat besef geeft troost. Maar het had duizend keer beter geweest had ze hier ook fysiek nog geweest, om haar kleinzoon te zien opgroeien. Om die dingen te kunnen delen die ik al die andere moeders en dochters om me heen zie delen.