Iets om naar uit te kijken?

Life is a dance heeft, naast een ongetwijfeld superleuk etentje met oa ondergetekende en mister J,  veel om naar uit te kijken, merk ik net op haar blog.
Gelukkig heb ik weinig reden om jaloers te zijn. Zo staat mijn agenda voor volgende week zo vol, dat ik er zelfs lichtjes ongerust van word (zo veel te doen en een dag heeft maar 24 uur weet je wel).

Bij deze aap ik haar dus onbeschaamd na met onderstaand lijstje…

20/11: Pinback
21/11: studiedag van het werk (iets minder entertainend weliswaar)
22/11: Zita Swoon
24/11: Wolfskers
27/11: Buffalo Tom
28/11: avondlijke opleiding van het werk
08/12: Wim Vandekeybus
09/12: Ozark Henry
15/12: verjaardagsfuif vriendinnen
22/12: de Lobstershop

En tussendoor moet er nog verjaard worden ook…

Studenten…

Ik merk bij mezelf op dat deze blog de laatste weken/maanden vooral een uitlaatklep is voor mijn bitterzwarte gal. Niet dat ik geen leuke dingen meer beleef, gelukkig maar, maar wanneer ik blog is het blijkbaar vooral om mijn frustraties over de kleine en minder kleine dingen des levens te uiten…
Helaas voor de positivo’s onder jullie, maar ook vandaag ben ik pissed off, en dat uit zich weer eens hier…

Reden: ik heb vannacht maar vier uur kunnen slapen. Om 23uur zoals een brave werkmens betaamt doodmoe mijn bed in gekropen en pas om 3 uur in slaap gevallen. En om 7u er alweer uit.

Reden daarvan: onze buren, de studenten. Ze hadden blijkbaar besloten een kotfuif te houden in hun keuken/gans kot. De muren van die huizen zijn van karton heb ik de indruk, want je kan echt alles horen. En als ze, zoals gisteren een feestje geven, kan ik de muziek vanuit mijn bed gewoon woord voor woord meezingen. Loveshack baby!

Om half twee werd het ons teveel. We daverden ons bed uit en werden met de minuut zenuwachtiger, dus besloot mijn wederhelft vriendelijk te gaan vragen of het een beetje stiller kon. De muziek ging direct een tikje stiller. Nog geen vijf minuten later begon het echter gewoon opnieuw, en werd het gegil, gejoel en gestomp nog twee gradaties erger. Er was geen ontkomen aan, door ons gans huis kon je het horen; onze matras in een andere kamer leggen was dus ook geen optie.
Meer dan een half uur later dus nog eens gaan vragen of het stiller kon, iets eisender deze keer. De muziek ging nu zowaar de helft stiller, maar het stemvolume nam dan weer aanzienlijk toe. Vooral meisjes zijn op dat gebied erg; gillen, krijsen, joelen,…
Uiteindelijk duurde het nog tot drie uur eer de bende van een man of dertig buiten waren gegaan, daar nog een kwartier op straat hadden staan roepen en dan eindelijk elders hun feestje gingen verderzetten.

Ik heb absoluut niets tegen feestjes, integendeel, in mijn studententijd lag ik ook nooit om 23u in mijn bed. Maar ik herinner me wél dat die zelden of nooit op kot doorgingen (het occasionele verjaardagsfeestje daar gelaten) en dat er tegen een uur of 1 steevast werd afgezakt naar fuifzaal of café.
Toen de buurtbewoners van een van de laatste resterende fuifzalen van Leuven begonnen te klagen, ben ik zelfs nog geen betogen (!!) om die zaal open te houden. Maar toen werden we ons wel meer bewust van de decibels die we produceerden, en werd er steevast gewerkt met stewards om het straatlawaai te beperken. De fuifzaal zelf was bovendien super-geïsoleerd.

Enfin, ik ben gewoon de mens niet die met vier uur slaap kan functioneren. Sorry, maar het is nu eenmaal zo. Ik heb die acht uur echt nodig. Resultaat is dat ik nu, in een superdrukke én belangrijke periode op het werk waarin voor twee projecten dé doorslaggevende beslissingen moeten genomen worden, echt geen ganse dag werk kan verliezen omdat ik zo groggy ben dat ik nauwelijks weet waar ik ben.
Feestjes zullen er altijd zijn, en wij zijn écht niet de mensen die snel gaan klagen, maar een béétje respect mag er toch zijn. Of is dat echt teveel gevraagd voor een vrijgevochten student?

Soms vraagt een mens zich af…

Wekker om 7u. Om 8u de baan op. Om 8u10 vastzitten in de file. Vanaf dan één lange file tot Brussel. Om 9u30 aankomen op het werk. Constateren dat de ene collega vrijdag afwezig zal zijn voor een begrafenis, dat er 500 000 mails beantwoord moeten worden en dat er voor twaalf uur iets heel belangrijk af moet. Tot de conclusie komen dat je niet uitgeslapen bent en tegelijk opgefokt van de file. Je niet kunnen concentreren. Niet creatief zijn terwijl je opdracht net is een creatief tekstje verzinnen. Op dat moment, als je al een half uitgewerkt idee hebben, vaststellen dat de baas plots van gedacht is veranderd en wil dat je een vol-le-dig ander idee uitwerkt, dat hij enkel aangeeft op basis van één slagzinnetje, daar moet je dan maar een hele A4 mee vullen. En DAN belt de collega die vandaag de telefoon in de gaten zou houden zodat ik kan verderwerken aan de 33 deadlines dat ze ziek is, wat betekent dat ik niet eens de tijd ga hebben om me met de deadlines bezig te houden, maar veroordeeld zal zijn om hier de permanentie te verzekeren en dus geen seconde tijd over te hebben voor iets anders.

Stress zei u?

Missers in mode

Ligt het aan mij, of trekt de mode van’t jaar gewoon op niets. Minder dan niets. Noem het koppigheid, maar ik draag geen korte broeken, en al zeker niet in de winter, en nog veel minder met botjes onder. Korte broeken = zomer, botjes = winter, en niemand die me van het tegendeel zal kunnen overtuigen. Ook een lange t-shirt/trui met een brede riem krijgen ze mij niet verkocht. De jaren tachtig zijn voorbij, dankjewel, en maar goed ook. Of een legging onder een rokje dragen en daar dan botjes onder. Een legging godbetert, een kledingstuk dat terecht jaren geleden verbannen is. Ik heb nog nachtmerries aan de tijd dat ik verplicht werd zoiets aan te trekken voor de lessen LO op school. Leggings onder een rokje associeer ik aan festivals toen we zestien waren; handig om toch een rokje te dragen en op de grond te kunnen liggen; puur functioneel dus en verre van een fashion-statement.

Een ganse zaterdag zoeken in zowat elke winkel in Gent leverde dan ook enkel twee basics op; twee zwarte bloesjes, eentje van het mij tot hiertoe onbekende Skunkfunk en eentje van Cora Kemperman; twee eenvoudige maar mooie dingetjes, met een leuk design en deftige stoffen. Meer moet dat voor mij niet zijn.

Vandaag op de trein en op het werk de collega’s eens bestudeerd. En ik moet zeggen, hetgeen in hun kleerkast hangt lijkt ook in de verste verten niet op de kleren die in pakweg H&M hangen. Ik zal dus niet de enige zijn met vestimentaire problemen van’t jaar. Probleem is dat winkels blijkbaar ofwel -30 zijn ofwel +40; ofwel schreeuwerig en ultrajong ofwel stoffig en saai. Zijn er dan geen winkels met mooie kleren voor bijna-dertigers die betaalbaar zijn? Want dat is dan vaak weer het andere probleem; dan zie je mooie kleren, en dan kosten ze een fortuin…